(Een woning, auto of product dat wordt aangeboden aan kopers.)
Het huis op de hoek staat al maanden te koop.
Deze fiets is te koop voor honderd euro.
Ons oude huis staat sinds vorige week te koop.
De buren hebben hun auto te koop gezet op Marktplaats.
Welke zin inspireerde dit schilderij?
(Producten die in een winkel of online te vinden zijn.)
Verse aardbeien zijn nu overal te koop.
Die tickets zijn alleen online te koop.
Dit boek is in elke goede boekhandel te koop.
Vroeger waren die munten nog gewoon te koop op de markt.
我构建这部词典,旨在打造同类中最完整的荷兰语学习资源。定义和例句由 AI 生成,因此您可能偶尔会发现错误——请相信您的直觉。